De Tweede Kamerverkiezingen zijn inmiddels achter de rug. De afgelopen maanden heb ik veel geschreven over waardevolle zorg, het belang van cultuur en over mijn kijk op een dienstbare overheid. Maar bovenal over de opgave voor de samenleving om te werken aan steeds een stukje meer samen. 

Landelijke verkiezingen brengen je ook op speciale plekken. Ik was de enige kandidaat van het CDA met Indische roots. Daardoor werd ik benaderd door het Indische maandblad Moesson die kandidaten van verschillende partijen portretteerden. Mijn oma is Indisch en mijn vader is in Indonesië geboren. Dit interview vormde voor mij de aanleiding om bij mijn ouders vragen te stellen over vroeger. Het is een onderwerp waar vroeger thuis niet over gepraat werd. 

Mijn opa ging op zijn zeventiende naar Nederlands-Indië om er onderwijs te geven. Daar werd hij verliefd op een van zijn leerlingen, mijn oma Agnes. Kort voor de oorlog werd mijn vader in Medan geboren. Toen de oorlog afgelopen was kwam de opstand in Nederlands-Indië en waren zij als Nederlander niet veilig. Ze zijn gevlucht naar Nederland. Op vierjarige leeftijd is mijn vader weggehaald bij alles dat hem dierbaar was en kwam hij samen met mij opa en oma terecht in een land waar ze niet welkom waren. Ze zijn arm geweest en hebben de eerste jaren ook met discriminatie te maken gehad.

De verhalen van mijn vader raakte me. Of daar mijn rechtvaardigheidsgevoel vandaan komt en de wil te komen tot een samenleving waarin iedereen ertoe doet? Ik weet het niet. Kan je geschiedenis meedragen in je genen? Mijn wens is om nog een keer naar Indonesië te gaan. Dat zouden we afgelopen zomer met mijn gezin gaan doen. Start van de reis zou Medan zijn, op het eiland Sumatra. Door corona is deze reis niet doorgegaan. De verhalen over waar mijn roots vandaan komen ga ik zeker nog een keer ophalen. Als corona weer voorbij is.

Categorieën: Blogs

0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *